Page images
PDF
EPUB

92 G. H. v AN L IN G EN, ZESTIGTAL VERHALEN , ENZ.

Het eerste dezer schoolboeken verdient alle aanprijzing, zoowel wegens de oordeelkundige keuze der verhalen, als wegens de doelmatige, kiesche wijze van voorstelling en de nuttige zedelessen. De stijl kon hier en daar voor de kinderlijke bevatting gemakkelijker zijn. t 2. De Geschiedenis der Israëliten is, gelijk de titel zegt, » naar de voorhanden zijnde bronnen en groote werken der Geschiedenis, voor de eerste klasse der Israëlitische Godsdienstige scholen tot zelfstudie bewerkt.” Het eerste stukje loopt tot de verwoesting van den eersten tempel, het tweede tot het jaar 0. H. 500. De verhaaltrant mist alle pragmatische levendigheid, alle aansporing tot dankbaarheid, godsvrucht, enz. Indien de Vertaler er iets in had willen veranderen, zou hij het drooge berigt: • op nieuw mogten zich de Joden (omstreeks den tijd der Kerkhervorming) in de Nederlanden vestigen,” (III. 36) onmogelijk aldus hebben kunnen overschrijven. Dankbaarheid hadde, dunkt ons, iets over de welwillende en verdraagzame behandeling der Israëliten gevorderd in ons gastvrij vaderland, toen zij elders nog naauwelijks mogten wonen. Of de Israëlitische jeugd wel zoo heel veel heeft aan de namen van geleerde Joden van vroeger en later tijd, betwijfelen wij. Het hapert dit werkje aan eenheid van plan en bewerking. Wie hebben in ons Vaderland na de Fransche revolutie als Joodsche Professoren zich verdienstelijk gemaakt? (III. 53). Ald. bladz. 21 lezen wij van eenen • thans (1841)” en bladz. 77 van eenen - thans (1830) regerenden Sultan”. Als schoolboek stellen wij het zeer laag, maar ook hier moet de verbetering langzaam komen, en het onderwijs der Israëlitische kinderen is reeds veel vooruitgegaan. 3. is bepaaldelijk over heidevelden en pas ontgonnen gronden, waarmede Rec. minder bekend is, dan met vettere kleigronden. De tweede druk bewijst een ruim vertier. Bladz. 28 reg. 3 v. o zal DJ voeten kubiekvoeten moeten zijn. Het laatste Hoofdstuk, over de Gezondheid, komt er

wel wat zonderling bij.

B O EK BE SC HO U W I N G.

Geschiedenis van de Kerkhervorming in Friesland, door Dr. E. J. D1est Lo R G1 oN, Predikant te Stiens, enz. Te Leeuwarden, bij W. Eekhoff. 1842. In gr. 8vo. VIII en 167 bl. f 1 80.

Oorspronkeljk had de Eerw. Diest LoRG 1on het plan opgevat, om een geschiedkundig Gedenkboek voor de Hervormden in Friesland uit te geven, hetgeen deels de hier geleverde beknopte Geschiedenis der Hervorming in Friesland, deels eene naamlijst der Predikanten zou behelzen, die van de Hervorming af tot op heden toe aan de Hervormde Gemeenten in Friesland het Evangelie hebben verkondigd: de laatste bewerkt door Z. E. Ambtgenoot T. A. RoM EIN. Daar echter de inteekening op dit Gedenkboek weinig deelneming scheen te vinden, en deszelfs kostbaarheid vooral door het vermelde tweede gedeelte veroorzaakt werd, besloot de Heer D 1Est LoR G1 oN de vruchten van zijn historisch onderzoek afzonderlijk uit te geven, en hij heeft zich hiervan op zoo loffelijke wijze gekweten, dat wij ons haasten de aandacht van ons publiek op dit werkje te vestigen, en hem onzen dank voor het hier geleverde te betuigen. Het bestaat uit vier hoofddeelen. Na eene korte Inleiding wordt vooreerst gewezen op de pogingen, in Friesland aangewend, om de kerk, gelijk men het noemt, in de kerk te hervormen. De ontwikkeling van een nieuw Christelijk leven in Friesland, na den ijzeren slaap der middeleeuwen, wordt met korte en fiksche trekken geschetst. De redenen, die Friesland in het bijzonder, vroeg voor de Hervorming deden rijp worden, worden met een' echt pragmatischen blik overzien. En nadat meer bijzonder op een GE LL 1us Bou MA en stEF A NUs sY Lv 1us is gewezen, worden wij ten tweede nader bekend gemaakt BoEKBEsch, 1843. No. 3. G

met de wijze, waarop de Kerkhervorming in het jaar 1566 openlijk in Friesland ingevoerd, maar weder onderdrukt werd. Veel belangrijks vernemen wij hier van de wijze, waarop het verbond der Edelen ook in Friesland bijval vond, van het gedrag des bekenden stadhouders AR EMBER G, en van de invoering en bestrijding der Hervorming, niet alleen te Leeuwarden, maar ook te Franeker, Sneek en elders. Het derde Hoofdstuk vangt met A LvA's komst in de Nederlanden aan, en eindigt met de pogingen, door c As PER R oB L Es aangewend tot herstel van de Roomsche eerdienst, en met de vlugt van den lafhartigen stadhouder Joost v AN schouw EN BU R g. Het vierde Hoofdstuk, de zegepraal der Kerkhervorming over allen tegenstand verhalende, loopt door tot aan de geheele afschaffing der Roomsche Godsdienst in Friesland, en geeft ten slotte nog een belangrijk overzigt van de rigting, welke de Kerkhervorming in dit merkwaardige gewest genomen heeft. Nog worden ons uit het Leeuwarder protocol enkele proeven medegedeeld van de denkwijze en den geest der Hervormden in die dagen, welke inderdaad hoogst belangrijk mogen hecten. Het geheel wordt met eenige authentieke stukken, als bijlagen, besloten, welke, behalve hare eigendommelijke waarde, ons vooral merkwaardig waren, als proeven, hoeveel meer echt Evangelische vrijzinnigheid er kort na de Hervorming in de Gemeenten en bij de Leeraren heerschte, dan na 1618 en 1619. Deze zeer beknopte inhoudsopgave zal wel reeds den lezer opmerkzaam gemaakt hebben op den rijkdom van zaken, die hem hier in een kort bestek wordt aangeboden. De geleerde Schrijver, reeds door zijne belangrijke Akademische Dissertatie gunstig bij ons Godgeleerd publiek bekend, heeft ons hier weder eene schoone proeve van zijnen lust en zijne geschiktheid tot wetenschappelijk onderzoek gegeven. Hij heeft wel gebruik gemaakt van hetgeen bij latere schrijvers hier en daar over de Hervorming in Friesland is medegedeeld, maar niet minder uit oudere schriften en zooveel mogelijk gelijktijdige berigten geput, vooral uit schoT AN Us en w 1N s EMI us. Hier en daar ontdekten wij, bij het gebruik der bronnen, eene historische Critiek, die wel is waar meestal slechts op zaken van ondergeschikt belang kon worden uitgeoefend, maar ons toch van des Schrijvers scherpzinnigheid en maauwkeurigheid een allezins gunstig oordeel deed voeden. Wij verlangen, dat de Schrijver op dit werkje de aangekondigde Geschiedenis der Hervormde Kerk in Friesland late volgen. Zijn geschrift mag inderdaad niet alleen voor de bewoners van dat gewest, maar ook voor alle beoefenaars der schoone historische wetenschap, ja ook voor ieder' Christen, die de geschiedenis met een Christelijk oog beschouwen wil, hoogst welkom heeten. Wij meenen, dat door zulke Monografiën het best de weg gebaand wordt tot eene allesomvattende Nederlandsche Kerkgeschiedenis, zoo als wij die nog steeds missen en wenschen. Kon het ons niet vreemd voorkomen, dat de aangekondigde Naamlijst weinig algemeene deelneming vond: wij mogen echter den wensch niet onderdrukken, dat niet alleen in Friesland, maar in al onze provinciën, zoodanige naamlijsten konden uitgegeven worden, liefst met korte biografische aanteekeningen voorzien. Welk een nog onbekende schat zou daardoor voor de speciëele historiographie ontsloten worden! Voor enkele personen is zulk een arbeid en zwaar, en hoogst ondankbaar tevens. Kon zij niet veel gemakkelijker en onkostbaarder uitgaan uit den boezem onzer Classikale en Provinciale besturen? Er is meer dan een bijzonder punt, in welks opvatting wij van den geleerden Schrijver zouden meenen te moeten verschillen. Wij noemen hier alleen den Beeldenstorm, bladz. 53. Doch niet alleen verbiedt ons bestek, om hieromtrent in nadere woordenwisseling te treden, maar ook brengt ons doel liever mede, dat wij het werkje aan een grooter publiek aanbevelen, terwijl toch de geleerde van beroep van zelf het met oordeel des onderscheids zal gebruiken. Wij eindigen daarom, met opregtelijk den wensch des Schrijvers over te nemen, » dat dit geschrift » moge medewerken tot meerdere waardeering der Kerk»hervorming, maar tevens iets moge bijdragen, om te ver

[ocr errors]

» hoeden, dat hare waarde verder overdreven worde, tot » minachting van latere tijden en inzonderheid van onzen » leeftijd.” Inderdaad, ook hier hebben wij gezien, dat het licht der Hervorming zijne schaduwzijde had, en dat

ook in dit opzigt de raad van den Prediker, H. VII: 10 diepe wijsheid ademt.

Beknopte Geschiedenis der Christelijke Kerk, door w. Busch. Naar den 3den Hoogduitschen druk. Te Amsterdam en Utrecht, bij ten Brink en de Vries en H. M. van Dorp. In kl. 8vo. VIII en 224 bl. f 1 – 50.

Deze beknopte Geschiedenis heeft ten doel, om inzonderheid diegenen, die zich tot het doen hunner belijdenis voorbereiden, het wetenswaardigste en noodigste aangaande de lotgevallen der Christelijke kerk op aarde mede te deelen. Het boekske bezit daartoe inderdaad goede geschiktheid. Niet alleen vindt men hier grooten rijkdom van zaken op eene onderhoudende wijze voorgedragen, maar ook beveelt het werkje zich door eene hoogst practische, warm Godsdienstige en toch redelijk verlichte strekking aan. – Bij de belangrijkste gebeurtenissen der geschiedenis wordt gedurig het geloof aan eene allesbesturende Voorzienigheid, aan de verhevene grootheid van den Heer der gemeente, en aan de Goddelijkheid van het Evangelie op de meest gepaste wijze opgewekt en versterkt. Op wetenschappelijke waarde, grondigheid, juistheid en volledigheid kan zulk een kort overzigt natuurlijk geene aanspraak maken. Zelfs zou er van deze zijde menige bedenking te maken zijn. B. v. bij de uitdrukking, waarmede het onvolmaakte in de eerste gemeente werd aangeduid, bladz. 16, » al de geroepenen behoorden niet tot de uitverkorenen” zal dit laatste woord wel in verkeerden zin zijn opgenomen, met voorbijzien van Rom. VIII: 30. Eph. I: 4 en andere plaatsen. - Historische Pragmatiek en Critiek zocht Rec. hier te vergeefs. Zoo worden ook nog, bladz. 26, tien vervolgingen vermeld; van co N

[ocr errors]
« PreviousContinue »